Mind of an Anarchist


Wat ik zeker weet

Onderheid

 

Er is een groeiend verlangen ons eigen leven te leiden, onze eigen weg in het leven te vinden. En er is een groeiend zelfvertrouwen om moedig te zijn en trouw te blijven aan die levensweg. Mensen willen kunnen staan achter hun beslissingen. We denken steeds meer zelf na over dingen en accepteren consequenties van onze besluiten. Het geeft een gevoel van vrijheid waar we al zo lang naar op zoek zijn. We willen niet meer geregeerd of geleid worden door mensen die keer op keer ons vertrouwen in hen hebben geschaad. Genoeg daarvan. Het is tijd, Onze Tijd.

Regeren is kennelijk voorschrijven aan mensen hoe het leven geleefd dient te worden. Het gaat gepaard met veel beleidmakerij, papieren werkelijkheden, die ver van de mensen af staan. Die tijd is voorbij. Het vertrouwen in de politiek en overheid was nog nooit zo laag in Nederland. Zelden zijn ze er in geslaagd een belofte na te komen. Het bijgeloof in wet en religie is tanende. Het is ons, de mensen, pijnlijk duidelijk geworden, dat ze vooral worden gehanteerd voor eigenbelang. Het machtsdenken heeft zijn tijd gehad. Het is tijd te erkennen, dat mensen een hoog zelforganiserend vermogen hebben, maar steeds worden tegengehouden om het toe te passen. Onder de vlag van een politieke partij of een ander ideologisch orgaan hebben we geen vrijheid gevonden. Het instituut overheid heeft onze levens verslonden. We hebben daar wel genoeg van. In toenemende mate nemen mensen zelf actie om hun leven op zinvolle wijze vorm te geven. ‘Burgerinitiatieven’ worden ze genoemd. Veel bestuurders hebben nog niet in de gaten, dat het om directe actie gaat van mensen zonder inmenging van de overheid. Krampachtig probeert de overheid vat te houden op deze acties door zich er tegenaan te bemoeien. Het heeft nauwelijks succes. Steeds meer politici en ambtenaren raken in conflict met zichzelf. Zij willen het goede doen voor de mensen, maar hun organisatie houdt ze tegen dat te doen. De rollen zijn omgedraaid. Directe acties van mensen sturen de overheid aan in plaats van dat de overheid nog langer voorschrijft wat dient te gebeuren.

Is dat erg? Ik denk het niet. In het kennistijdperk hebben mensen toegang tot vele bronnen voor het oplossen van hun problemen. Veel van die problemen werden ooit ‘politieke problemen’ of ‘overheidsproblemen’ genoemd en dienden dus door de politiek en overheid te worden opgelost. Het besef groeit, dat het ‘onze problemen’ zijn en dat wij, de mensen, ze dus ook zelf op moeten lossen. Een beweging die ik van harte toejuich. Als wij onze gemeenschap willen versterken, dan moeten we de rol van de overheid verzwakken. Het gaat niet om burgerparticipatie, maar om overheidsparticipatie, waarbij geldt: ‘Hoe kan de overheid nog een zinvolle bijdrage leveren aan de gemeenschap?’ Alle activiteiten van de overheid zullen tegen het licht worden gehouden. Dragen ze bij aan betere gemeenschap of niet? Zo niet, dan nemen wij, de mensen, er afscheid van. Piramides van macht worden vervangen door netwerken van mensen met eenheid van opvatting over hoe ze samen willen leven. Zij nemen regie voor de oplossing van hun problemen, waarbij van de overheid wordt verwacht dat zij hieraan op coöperatieve wijze bijdragen door de initiatieven mogelijk te maken. Heilige huisjes zullen hierbij moeten worden afgebroken. Deze verandering zal niet altijd even gemakkelijk gaan natuurlijk. Heel wat debatten en bureaucratische grindbakken zullen er worden opgericht door politici en ambtenaren, die nog in het oude machtsdenken vastzitten. Een voor een zullen ze worden geslecht. Onderschat nooit de kracht van de zwerm, vooral als die uit mensen bestaat.

Directe actie voelt als vrij leven met alle daarbij komende verantwoordelijkheden, maar in het volle bewustzijn van leven in een vrije gemeenschap. Het is geen technisch probleem, maar een activiteit van menselijk organiseren. De mensen geven wel aan wat handig is om voor iedereen op dezelfde wijze te organiseren. Die taak is dan aan een ‘onderheid’, de tegenhanger van overheid. Dat is wat ik zeker weet.



De Stem van Holland

De loze kreten van verkiezingsbeloftes vliegen ons weer om de oren. Verkiezingsdebatten vullen de gaatjes op televisie en radio tussen de talentenshows en de baby van Barbie. Het gaat vooral over het herstel of het behoud van ons, in het industriële tijdperk vergaarde, kapitaal. Alsof dat nog belangrijk is in de 21e eeuw, het tijdperk van verbinding. Steeds meer mensen keren zich af van de politiek en haar markttucht. Steeds meer mensen nemen zelf weer regie. Inmiddels zijn er al bijna 200 door mensen gestarte initiatieven voor het oprichten van coöperaties voor het duurzaam, in eigen beheer, opwekken van energie en in Heeze bestaat een coöperatie voor het aanleggen van glasvezel in het dorp. We winnen! We zijn de opgelegde marktwerking zat. De wereld wordt er niet beter van. Marktwerking veroorzaakt vals spel, ook wel competitie of concurrentie genoemd, en maakt het leven vooral duur.  Slechts een klein groepje (markt)leiders wordt er beter, of liever, rijker van. Of ze daarmee betere mensen worden is maar de vraag. Het veronderstelde marktevenwicht wordt nooit bereikt, omdat die gewoon niet bestaat. Het evenwicht tussen vraag en aanbod werd er bij gesleept om een economisch model te laten werken. Het bestaat niet echt! Keynes begreep dat heel goed, blijkens zijn uit 1930 daterende ‘Economic Possibilities for our Grandchildren’.  Hij vroeg zich af of de mens van zijn door arbeid en industrialisatie verworven vrijheid kan genieten of dat hij zich tot slaaf voor het leven laat maken van het economisch systeem. We kennen de uitkomst: 50% van de grootste economieën ter wereld zijn multinationals. We werken ons te pletter voor vrijheid en worden daarvoor na 12 september  beloond met €1.000! Hoe gemakkelijk hebben wij ons in laten palmen door de marktwerking, dat we dit een goede deal vinden?

De bankencrisis spreekt ons aan op onze moraal. Mensen beseffen steeds beter, dat een ‘goed leven’ meer waard is dan kapitaal op een bankrekening of belegd in effecten. De gewone dingen van het leven, goed nabuurschap, familie, zindelijk samenwerken, voor elkaar zorgen, zijn meer waard dan de inhoud van onze portemonnee. En van een democratisch leven komt ook al niets terecht, zolang een groot deel van dat leven, het bedrijfs-leven bijoorbeeld, helemaal niet democratisch ingericht is, maar juist allerlei trekken van een dictatuur heeft. Niet voor niets spreken we vaak van ‘marktdictatuur’, in plaats van marktwerking.

Wij, de mensen, beginnen de markt steeds beter te snappen. Internet gaf ons een kijkje in hoe ons leven door de marktleiders bedisseld wordt. We voelen ons bedrogen. Arabische lentes, de Instignados in Spanje, de Occupy-beweging,  zijn uitingen van de wereldwijde woede en verontwaardiging die leeft onder Ons, de mensen. Ook vooraanstaande wetenschappers hebben steeds beter in de gaten, dat het huidige neoliberale kapitalisme en haar vrije marktwerking helemaal niet zo vrij is en als utopisch kan worden beschouwd. Joseph Stiglitz (econoom) schrijft over ‘de prijs van ongelijkheid’, vader en zoon Skidelsky (econoom en filosoof) over ‘hoeveel is genoeg’, Herman Wijffels (econnom) over ‘duurzame circulaire economie’, Richard Sennet (socioloog) over ‘samen’ en Jim Stanford (econoom) schreef een realitycheck op het neoliberale kapitalisme. Allen kiezen ze voor iedereen, de gemeenschap en de wereld. Het is tijd om definitief afscheid te nemen van het feodale tijdperk. en te kiezen voor ‘een goed leven’. De meeste mensen in de grote economieën hebben alles wat ze nodig hebben om een ‘goed leven’ te kunnen leiden. Zij kunnen zelfs alle mensen op de wereld voorzien van dezelfde benodigdheden. Spullen in overvloed. Meer van het zelfde helpt ons daar niet bij, zeker niet als het alleen maar betekent dat we er nog langer en harder voor moeten werken. De datum van vrijlating uit de markttucht schuift al richting 68 jaar. Je mag van geluk spreken als je dan kapitaalkrachtigen gezond bent en van je ‘vrijheid’ kan genieten. Eenmaal gepensioneerd, onrendabel en afgeschreven in termen van marktwerking, weten we echter niet wat we met onze vrijheid moeten doen. Tijdens het golfen, tennissen en kaarten bespreken we liever de laatste aflevering van TVOH of Sterren Springen op Zaterdag in plaats van hoe we de volgende generaties helpen met hun grote vragen in het leven.

Ik hoop dat Wij, de mensen, op 12 september onze stem laten horen, De Stem Van Holland, en dat we kiezen voor een goed leven voor elkaar, iedereen, de gemeenschap, de wereld. Van politieke ideologieën moeten we het niet hebben, van de markt en haar economie ook niet. Wij, DSVH, kiezen voor Coöperatieve Anarchie, een samenleving zonder overheersing van één individueel belang!

Dit niet-stemadvies is natuurlijk maar een advies. Doe er mee wat u goeddunkt.

Deze column werd eerder geplaatst op http://corporatecompassion.nl/



Ons brein is onze handicap

“That what we are afraid of, is what thrills us the most”

Ik ben er wel eens jaloers op: mensen die een opgeruimd hoofd hebben. Ze leven een simpel leven, niet lastig gevallen door een teveel aan kennis, zorgen, of nieuwe ideeën. Ze leven op een automatische piloot. Iedere dag beleven ze weer opnieuw. Alle problemen die ze tegenkomen pakken ze op dezelfde manier aan. Niks aan de hand als het weer niet beter wordt. Ze merken het niet eens op. Morgen beginnen ze met dezelfde energie als vandaag. Grazend als een mak schaap pakken deze mensen vandaag problemen aan op dezelfde manier als gisteren. Bij tegenwind draaien ze gewoon de kont in de wind, want dan heb je er geen last van. Kuddes mensen leven op deze manier. Braaf gaan ze naar hun werk en voor ieder probleem dat voorligt of besluit dat ze moeten nemen kiezen ze die ene, twee dimensionale, aanpak: goed of fout, links of rechtsom. Voor sommige mensen is het om gek van te worden. Volgens de ‘twee dimensionalen’ zijn zij niet goed bij hun hoofd. Zij proberen namelijk hun hele brein te gebruiken en dat is nu juist hun handicap, zo wordt hun steeds gezegd.

Het leven in Nederland, een ander woord voor platland,  is lastig voor een heel breingebruiker. Je snapt er namelijk steeds minder van. Steeds benader je problemen vanuit meerdere dimensies, integraal, als ‘whole system’, maar dan kom je niet tot dezelfde oplossingen als de twee dimensionale platdenkers, die overigens een steeds belangrijker deel van de samenleving uit te lijken gaan maken. Ze zitten tegenwoordig zelfs in het kabinet. Je krijgt platdenkers jouw oplossingen ook niet aan het hoofd gepraat, want denken in meer dan twee dimensies durven platdenkers niet of nog erger: ze willen het niet. Het moet heerlijk zijn, die onwetendheid. Gewoon iedere dag dezelfde oplossing toepassen op alle vraagstukken en bij tegenwind draai je de kont in de wind en het nieuwe probleem glijdt langs je af, of zo u wilt, het ene oor in en het andere oor uit. Steeds meer mensen lijken te kiezen voor zo’n simpel leven en stoppen met nadenken. Misschien wel omdat ze er gek van worden iedere dag opnieuw hun meerdimensionale oplossing voor vraagstukken aan platdenkers te moeten uitleggen. Het gevolg is dat het leven platland er steeds onaantrekkelijker uit komt te zien voor heel breindenkers.

Zou het leven er mogelijk toch niet mooier uit kunnen zien als we in meerdere dimensies zouden kunnen denken? Als we toch eens meerdere perspectieven zouden kunnen zien? Dan komen we wellicht ook met andere oplossingen en hoeven we ook niet steeds de kont in de wind te draaien bij tegenwind. Het is maar een ‘brainwave’ hoor, maar misschien wel eentje die u op andere gedachten brengt. Ik zou platdenkers willen vragen proberen te surfen op die brainwaves. Wees er niet bang voor. Probeert u de brug tussen uw linker en rechter hersenhelft eens uit. U komt er wellicht achter, dat niet alle problemen hetzelfde zijn. Het ene probleem is complexer dan het ander. En als u het vanuit meerdere perspectieven bekijkt, dan komt u wellicht ook met andere oplossingen. Oplossingen die het probleem oplossen, zodat u de volgende dag fris aan een nieuw probleem kunt beginnen en echt een opgeruimd hoofd heeft, omdat het oude probleem niet meer bestaat. In plaats van een twe edimensinaal plan van aanpak komt u met een meerdimensionale mindmap. Ze zijn wellicht complexer, maar daarmee niet ingewikkelder (complex). Uw mindmaps bieden meerdere keuzes, nieuwe mogelijkheden. Wilt u het niet proberen? Waar bent u bang voor? Het brein is misschien wel de grootste handicap van de mens en daar moeten we dus goed mee leren omgaan. Gebruik uw hersens en loop niet steeds achter de platdenkers aan. Uw leven wordt er een stuk interessanter van.

Henk Hogeweg, organisatie anarchist



Wanorde en chaos als de ordetroepen verschijnen

Al bijna twee weken bezetten ze het Puerta del Sol-plein in Madrid. Spaanse jongeren die protesteren tegen de jeugdwerkloosheid (inmiddels 43%) in hun land, tegen overheersing door het neo-kapitalisme, dat ze verwijten een kansloze situatie te hebben veroorzaakt voor jonge mensen. Het is een geordend protest. Er worden geen stenen gegooid, barricades opgeworpen of auto’s gemolesteerd. In plaats daarvan houden ze met ekaar dialogen over de echt belangrijke onderwerpen van deze tijd. Hun tentenkamp breidt zich iedere dag uit. De demonstranten hebben uitgiftepunten ingericht voor eten en drinken, er is een kindercrėche en een afdeling gevonden voorwerpen. De bedoeling is de revolutie ‘respectvol te laten verlopen’.

In Barcelona hadden sympathisanten van de demonstranten in Madrid een soortgelijk kamp opgeslagen op het Plaza de Catalunya. Ook hier protesten tegen de hoge werkloosheid onder jongeren en de door regering vastgestelde bezuinigsmaatregelen. Er was niets geweldadigs of onbehoorlijks aan het protest te merken. Echter, op vrijdag 27 mei, de dag voorafgaand aan de Champions League Finale voetbal tussen Manchester United en Barcelona, ging het mis. Het Plaza de Catalunya stond gepland als plein voor feestelijkheden voor het geval Barcelona de cup met de grote oren zou winnen. De burgermeester verzon een reden om de oproerpolitie op de demonstanten af te kunnen sturen. ‘Veiligheid’en ‘hygiëne’ werden de drogredenen voor het gebruik van buitenproportioneel geweld. Met harde hand werd het plein schoongeveegd. De televisiebeelden tonen harde klappen uitgedeeld door de oproerpolitie en er wordt zelfs op de demonstranten geschoten met rubberen kogels. Meer dan honderd gewonden vielen er in het geweld.

Het zal wel aan mijn verkeerde begrip van de term ‘oproerpolitie’ of ‘ordetroepen’ liggen, maar het lijkt mij, dat veel demonstraties best heel ordelijk verlopen, totdat  de ordetropen verschijnen. Na slechts enkele simpele waarschuwingen besluiten zij tot het aanwenden van grof geweld, waarbij de maat ook nogal eens zoek raakt. Er is geen sprake van het zoeken van de dialoog met de demonstraten, geen sprake van enige wil om gezamenlijk tot een oplossing te komen. Het enige wat wordt uitgesproken is iets in de trant van: “Verwijdert U of geweld zal worden gebruikt!”. Daar waar de demonstratie behoorlijk ordelijk verliep, ontstaat ineens chaos en wanorde. In Barcelona, omdat een voetbalfinale kennelijk belangrijker wordt geacht dan 43% jeugdwerkloosheid en een uitzichtloze toekomst voor jongeren. Het is maar dat u zich realiseert wat er gebeurt. En in het vervolg op de veldslag worden in de media door heersers, overheid en andere machthebbers vooral de demonstranten afgeschilderd als de ordeverstoorders. Dat is de wereld op zijn kop.

Reality check: Het zijn de machthebbers, die vooral hun eigen orde en positie willen handhaven. Daartoe gebruiken zij de hun ter beschikking stande machts- en geweldmiddelen, zoals oproerpolitie met wapenstokken en rubber kogels. Hun, vooral economisch, eigenbelang gaat kennelijk boven belangen van bijvoorbeeld werkloze jongeren. Het is dus maar wat je onder orde verstaat. Colin Ward zegt het met deze woorden: “Er is een orde opgelegd door geweld en terreur, er is een orde afgedwongen door bureaucratie m.b.v. politie en er is een orde, die spontaan ontstaat, omdat wij sociale dieren zijn, in staat om ons eigen lot te bepalen”.  Als de eerste twee vormen van orde afwezig zijn, heeft de spontane en vooral veel menselijkere vorm van orde kans zich te ontwikkelen. Pas dan zullen we ons vrij kunnen voelen, een orde waarvan Pierre-Joseph Proudhon stelt: “Vrijheid is de moeder, en niet de dochter, van alle orde.”



L’Etat c’est Nous

De huidige dominante parlementaire stelsels werken niet meer. In veel landen met zo’n stelsel laait regelmatig de discussie op te hervormen, bijvoorbeeld ons huidig kiesstelsel. Ook in Nederland werd onlangs weer het idee geopperd de kiesdistricten en het kiesstelsel te hervormen. Was het niet Minister Hillen die dit naar voren bracht? Volgens mij gaat deze discussie over iets groters dan kiesstelsels. Eigenlijk stellen we de ‘moderne’ democratische staat ter discussie. Het concept ‘staat’ of ‘natie’ is een gekunsteld concept, een onnatuurlijke manier om gemeenschappen te organiseren. Aanhangers van het begrip ‘staat’of ‘natie’ zijn meestal politici, bang dat ze hun macht, invloed en positie verliezen aan iets als kleine lokaal zelf-organiseerde gemeenschappen, regio’s zonder landsgrenzen en federaties, waarin de inwoners, ‘gewone burgers’ in hun taal, samen bepalen en besluiten in federaal of coöperatief verband. Het is lastig daarin je zin door te drijven.

Het begrip ‘staat’ kreeg zijn kracht onder andere door de unificatie van Duitsland en Italië in de 19e eeuw. Duitsland werd door Bismarck en keizer Wilhelm I gevormd en Italië door Cavour, Mazzini, Garibaldi en Vittorio Emanuelle II. De rest van de wereld heette ze van harte welkom. Eindelijk werd afscheid genomen van de rare principalen, republieken, pauselijke provincies en stadsstaten. Ze werden als officiële naties, rijken en overwinnars beschouwd, net als het Frankrijk onder zonnekoning Louis XIV. Deze rekende al eerder met geweld af met lokale zelf-organisernende gemeenschappen onder de slogan ‘L’état c’est moi’. Zijn voorbeeld werd en wordt gevolgd door recente zonnekoningen zoals Hitler, Stalin, Khadaffi, Mubarak, Kim Jong’il en andere Iwan’s de Verschrekkelijken.

Enkele eeuwen later staat het concept ‘staat’opnieuw onder druk. Onder invloed van de mogelijkheden van het internet en de sociale media, organiseren steeds meer mensen zelf hun zaken wel. Het afscheid van de verzorgingsstaat, die wel weet wat goed is voor de burgers, is al begonnen, maar nog niet tot politici en machthebbers doorgedrongen. Opkomsten bij verkiezingen zijn overal laag, want de mensen geloven niet langer in politici en al helemaal niet meer als wetgevende macht. Keer op keer voelen mensen zich belazerd door hun zognaamde parlementaire vertegenwoordigers. Gek worden ze van de bureaucratische regelgeving, die ze aan hun opleggen. Regels die steeds verder gaan, zelfs tot ver achter de voordeur, de Engelse uitdrukking ‘my home is my castle’ geweld aandoend.

De ‘gewone burger’is in veel zaken slimmer geworden dan de politici en staatsmannen die hun leven overheersen. Gedoe om zetels bij de G20, vetorechten bij de UN en dergelijk geneuzel, is niet hun ding. Ze dragen niet bij aan een betere wereld, maar splijten gemeenschappen van mensen en kosten bergen geld en energie. Gebruikmakend van hun eigen kracht en wijsheid organiseren in toenemende mate mensen hun eigen leven wel, bijvoorbeeld in lokale broedplaatsen of de Coöperatie Achterhoek, die onlangs werd opgericht. Lands- en gebiedsgrenzen gelden hierbij niet. Het zijn gekunstelde barrières, die ons meer in de weg staan dan helpen. Politieke belangen doen hierbij niet ter zake. Deze zelf-organiserende gemeenschappen geven zelf wel aan wat ambtenaren voor hun moeten faciliteren of officieel in regelgeving moeten vastleggen. Zo ondersteunt een moderne overheid de mensen. In IJsland hebben ze die les wel geleerd na de recente ervaringen met corrupte politici, die hun hoofd al te zeer lieten hangen naar industriële Iwan’s de Verschrikkelijken. De grondwet wordt daar momenteel herschreven door de mensen zelf. Daar kunnen wij een voorbeeld aan nemen. Als we dan toch echt willen hervormen, schakel dan de wijsheid van de mensen in, dan blijft het niet bij zoethouderij van de burgers. Wij, de mensen kunnen zelf heel goed aangeven wat er dan bij wet geregeld moet worden en wat niet. L’Ėtat c’est Nous!



Op weg naar de onherstelbaar en ongeneeslijk vrije samenleving

De roep die opstijgt uit alle regimeomwerpingen is die om Vrijheid. Of het nu gaat om overheersing door dictators, door een parlementaire democratie, kerkelijke leiders, managers of door andere bazen maakt niet uit. Dit soort (groepjes) individuen stelt de eigen individuele vrijheid boven die van de samenleving en dus boven andermans individuele vrijheden. Ze eigenen zich scharse middelen toe in een mate, die een normale acceptabele behoefte overtstijgt en veroorzaken daarmee problemen en overlast en ellende in allerlei mate voor anderen. De groei van hun eigen individuele vrijheid, die dit soort types nastreven, is niet alleen geweldig, maar vooral ook geweldadig.

De mate van vrijheid in een samenleving is een optelling van alle individuele vrijheden van de leden van die samenleving, die voor anderen geen ellende veroorzaken. Doet de individuele vrijheid van iemand (of een groepje individuen) dat wel, dan kun je al gauw niet meer van een vrije samenleving spreken. Daar komt bij, dat er op aarde altijd sprake is van schaarste. We kunnen daardoor domweg niet allemaal onze individuele vrijheden uitleven en nemen wat we willen, zonder dat we iemand daarmee beperken in zijn/haar indiviudele vrijheid. We zullen altijd onze individuele vrijheden met elkaar moeten afstemmen om ook samenlevingsvrijheid te kunnen genieten. Iedere overheersende individuele vrijheid is teveel.

De individuen die veel last ondervinden van overheersende individuele vrijheden hebben daar kennelijk genoeg van. In toenemende mate komen ze met elkaar in opstand tegen de overheerser of bezetter van hun samenlevingsvrijheid. Heersers willen helemaal niet, dat hun samenleving op Vrijheid gebaseerd wordt, zelfs niet als het in hun partijnaam staat. Zij kiezen kennelijk voor de vrijheid van sommigen en dus voor onvrijheid van anderen. Het is dan bijvoorbeeld ook een terechte vraag of de NAVO ingrijpt in Libië uit zorg voor de samenlevingsvrijheid of dat het gaat om de individuele vrijheden van de landen die meedoen. Het probleem is namelijk, dat de NAVO (en soortgelijke instanties) in het algemeen vooral politiek gestuurd worden en politici zijn nu eenmaal lid van partijen, die samenlevingsvrijheid niet als uitgangspunt nemen.

Ondertussen dromen de opstandelingen in Libië en andere Arabisce landen, van vrije verkiezingen. Het zou voor hun een flinke stap vooruit zijn naar een beschafde samenleving, vergeleken bij het huidige dictatoriale regime. Echter, een beschaafde democratie met volledige samenlevingsvrijheid, daar zijn er nog niet veel van in de wereld, want eschaafd is een samenleving volgens mij pas als alle schaarse middelen door de mensen uit zichzelf eerlijk verdeeld worden. Het is dus te hopen, dat na de verwijdering van allerlei dictatoriale regimes er samenlevingen ontstaan, die Vrijheid werkelijk als grondslag nemen, en dat ze zich niet laten verleiden tot iets als bijvoorbeeld een parlementaire democratie, hoe aardig deze dictatuur ook is ten opzichte van het verdreven regime. Het is aan ONS, de mensen, die wonen in de parlementaire democratieën om ze hiervoor te waarschuwen.

Aan allen, die zich momenteel ontdoen van dictatoriale regimes, doe ik derhalve een oproep om ook te leren van de onvolkomen samenlevingsvrijheid van parlementaire democratieën. U heeft binnekort de kans te bouwen aan de onherstelbaar en ongeneeslijk gezonde vrije samenleving.  Neem daar met elkaar gerust aale tijd en Vrijheid voor. Succes gewenst!

 



Stemmen is helemaal niet zo democratisch

‘Maak gebruik van uw democratisch recht en ga stemmen’, luidde de oproep van politici voor de verkiezingen van de Provinciale Staten. Het riep bij mij vraagtekens op. Hoe meer ik er over nadacht, hoe meer ik me afvroeg hoe stemmen democratisch te noemen is. Door te stemmen kiezen we er immers voor overheerst te worden door een kleine groep mensen, politici genaamd en ik kan daar weinig democratisch aan ontdekken.

Degene die zitten te springen om onze stem zijn vooral de politici en hun partijen. De groep stemgerechtigden, niet alle inwoners van ons land (!), kunnen alleen stemmen op mensen die zich verkiesbaar hebben gesteld en dus ook een politieke carriere ambieren. De politici en hun partijen, die veel stemmen krijgen mogen gedurende een regeerperiode het volk regeren, ofwel heersen. De stemmers hopen er maar het beste van.

Een ander veelgehoord argument uit de mond van een politicus: “Het land moet geregeerd worden!” Van wie eigenlijk, vroeg ik me af. En alweer kwam ik niet verder dan diezelfde politici. Zij willen namelijk regeren. Op één of andere manier weten politici kennelijk altijd hoe de samenleving geregeld moet worden in ons land. Zij zijn van mening dat WIJ, de mensen, niet zo goed voor ons zelf kunnen zorgen en nemen dus de vrijheid dat voor ons te doen. Niks samen-leving, gewoon onderdanig zijn, noem ik dat. Stemmers geven aan, dat ze het zelf niet kunnen of willen organiseren. De praktijk van Belgie laat zien, dat het zonder regering echter ook prima kan. Het zijn vooral de politici in Brussel die donderjagen met elkaar, verder lijkt het er vrij geordend en beschaafd aan toe te gaan. Ik ben jaloers op België.

Het blijft ook lastig als steeds de helft plus 1 zijn zin krijgt en de anderen dus niet. Volgens mij zijn er dan nog steeds heel veel mensen niet blij. Hun motivatie om iets voor de ‘regeerders’ te doen is automatisch niet erg hoog. Het liefst zijn ze dan ook bezig met het onderuit halen van de regering om vervolgens zelf te kunnen overheersen. Een cyclus van ongeveer 4 jaar is het patroon. Het zou veel leuker zijn als we gewoon in zouden zetten op iedereen. En als we het dan toch graag steeds over co-sensus willen hebben, waarom doen we het dan niet? Als iedereen het eens is met een voorstel, dan is de kans groot dat het voorstel goed wordt uitgevoerd. Een besluit nemen zal wellicht iets langer in beslag nemen, maar kwalitatief zal het een veel beter besluit zijn en het verbetert de sociale samenhang ook nog eens aanzienlijk. Vooraf lijkt het traag, maar als we zien, dat er nu iedere nieuwe regeerperiode wijzigingen doorheen worden gedrukt door een nieuwe regering, dan valt dat eigenlijk best mee. En het leuke is, dat we niet over elk detail met iedereen in gesprek willen of hoeven, waardoor veel zaken door de mensen zelf georganiseerd kunnen worden. Dat bespaart bergen tijd en geld lijkt mij en het maakt ons vooral gelukkiger, omdat WIJ, de mensen, de regie over ons leven veel meer in iegen handen hebben.

Bij de laatste verkiezingen voor de Provinciale Staten was de opkomst 55,9 %. Dat betekent dat 44,1% van de stemgerechtigden (nog steeds niet alle inwoners van Nederland) niet heeft gestemd. Zij hebben dus geen mandaat gegeven aan anderen om over hen te regeren.  Veel mensen stemden ook op kleine partijtjes die de kiesdrempel niet haalden. Die stemmen gaven dus ook geen regeermandaat. En dan is er een flinke groep mensen, die slechts om één standpunt op iemand hebben gestemd. Zij gaven dus slechts een heel beperkt mandaat af, maar daar heeft niemand het nu meer over. En dan is er nog de, altijd weer belangrijke, ‘zwevende kiezer’, die het even niet weet. Hij/zij stemde wellicht op die leuke man of vrouw, die een grappige uitspraak of zo’n lief gezichtje heeft, of voor waar de buren of collega’s ook voor zeiden te stemmen. Een echt regeermandaat kun je dat nauwelijks bedoelen. En zo kan het gebeuren dat WIJ, de mensen, ons laten regeren door slechts een heel kleine vertegenwoordiging. Hoe democratisch kan dat zijn?

Het lijkt mij, dat dit beperkte democratische systeem het einde van haar levenscyclus heeft bereikt. Hoog tijd voor Iedereen! Politici hebben we echt niet nodig om onze samen-leving te co-creëren. Er is wellicht wel behoefte aan  goede vakbekwaame ambtenaren. Die kunnen die dingen voor ons regelen, waarvan WIJ, de mensen, vinden dat ze door hun voor iedereen (!) geregeld moeten worden. En de rest doen we zelf wel.