Mind of an Anarchist


De Stem van Holland

De loze kreten van verkiezingsbeloftes vliegen ons weer om de oren. Verkiezingsdebatten vullen de gaatjes op televisie en radio tussen de talentenshows en de baby van Barbie. Het gaat vooral over het herstel of het behoud van ons, in het industriële tijdperk vergaarde, kapitaal. Alsof dat nog belangrijk is in de 21e eeuw, het tijdperk van verbinding. Steeds meer mensen keren zich af van de politiek en haar markttucht. Steeds meer mensen nemen zelf weer regie. Inmiddels zijn er al bijna 200 door mensen gestarte initiatieven voor het oprichten van coöperaties voor het duurzaam, in eigen beheer, opwekken van energie en in Heeze bestaat een coöperatie voor het aanleggen van glasvezel in het dorp. We winnen! We zijn de opgelegde marktwerking zat. De wereld wordt er niet beter van. Marktwerking veroorzaakt vals spel, ook wel competitie of concurrentie genoemd, en maakt het leven vooral duur.  Slechts een klein groepje (markt)leiders wordt er beter, of liever, rijker van. Of ze daarmee betere mensen worden is maar de vraag. Het veronderstelde marktevenwicht wordt nooit bereikt, omdat die gewoon niet bestaat. Het evenwicht tussen vraag en aanbod werd er bij gesleept om een economisch model te laten werken. Het bestaat niet echt! Keynes begreep dat heel goed, blijkens zijn uit 1930 daterende ‘Economic Possibilities for our Grandchildren’.  Hij vroeg zich af of de mens van zijn door arbeid en industrialisatie verworven vrijheid kan genieten of dat hij zich tot slaaf voor het leven laat maken van het economisch systeem. We kennen de uitkomst: 50% van de grootste economieën ter wereld zijn multinationals. We werken ons te pletter voor vrijheid en worden daarvoor na 12 september  beloond met €1.000! Hoe gemakkelijk hebben wij ons in laten palmen door de marktwerking, dat we dit een goede deal vinden?

De bankencrisis spreekt ons aan op onze moraal. Mensen beseffen steeds beter, dat een ‘goed leven’ meer waard is dan kapitaal op een bankrekening of belegd in effecten. De gewone dingen van het leven, goed nabuurschap, familie, zindelijk samenwerken, voor elkaar zorgen, zijn meer waard dan de inhoud van onze portemonnee. En van een democratisch leven komt ook al niets terecht, zolang een groot deel van dat leven, het bedrijfs-leven bijoorbeeld, helemaal niet democratisch ingericht is, maar juist allerlei trekken van een dictatuur heeft. Niet voor niets spreken we vaak van ‘marktdictatuur’, in plaats van marktwerking.

Wij, de mensen, beginnen de markt steeds beter te snappen. Internet gaf ons een kijkje in hoe ons leven door de marktleiders bedisseld wordt. We voelen ons bedrogen. Arabische lentes, de Instignados in Spanje, de Occupy-beweging,  zijn uitingen van de wereldwijde woede en verontwaardiging die leeft onder Ons, de mensen. Ook vooraanstaande wetenschappers hebben steeds beter in de gaten, dat het huidige neoliberale kapitalisme en haar vrije marktwerking helemaal niet zo vrij is en als utopisch kan worden beschouwd. Joseph Stiglitz (econoom) schrijft over ‘de prijs van ongelijkheid’, vader en zoon Skidelsky (econoom en filosoof) over ‘hoeveel is genoeg’, Herman Wijffels (econnom) over ‘duurzame circulaire economie’, Richard Sennet (socioloog) over ‘samen’ en Jim Stanford (econoom) schreef een realitycheck op het neoliberale kapitalisme. Allen kiezen ze voor iedereen, de gemeenschap en de wereld. Het is tijd om definitief afscheid te nemen van het feodale tijdperk. en te kiezen voor ‘een goed leven’. De meeste mensen in de grote economieën hebben alles wat ze nodig hebben om een ‘goed leven’ te kunnen leiden. Zij kunnen zelfs alle mensen op de wereld voorzien van dezelfde benodigdheden. Spullen in overvloed. Meer van het zelfde helpt ons daar niet bij, zeker niet als het alleen maar betekent dat we er nog langer en harder voor moeten werken. De datum van vrijlating uit de markttucht schuift al richting 68 jaar. Je mag van geluk spreken als je dan kapitaalkrachtigen gezond bent en van je ‘vrijheid’ kan genieten. Eenmaal gepensioneerd, onrendabel en afgeschreven in termen van marktwerking, weten we echter niet wat we met onze vrijheid moeten doen. Tijdens het golfen, tennissen en kaarten bespreken we liever de laatste aflevering van TVOH of Sterren Springen op Zaterdag in plaats van hoe we de volgende generaties helpen met hun grote vragen in het leven.

Ik hoop dat Wij, de mensen, op 12 september onze stem laten horen, De Stem Van Holland, en dat we kiezen voor een goed leven voor elkaar, iedereen, de gemeenschap, de wereld. Van politieke ideologieën moeten we het niet hebben, van de markt en haar economie ook niet. Wij, DSVH, kiezen voor Coöperatieve Anarchie, een samenleving zonder overheersing van één individueel belang!

Dit niet-stemadvies is natuurlijk maar een advies. Doe er mee wat u goeddunkt.

Deze column werd eerder geplaatst op http://corporatecompassion.nl/



Stemmen is helemaal niet zo democratisch

‘Maak gebruik van uw democratisch recht en ga stemmen’, luidde de oproep van politici voor de verkiezingen van de Provinciale Staten. Het riep bij mij vraagtekens op. Hoe meer ik er over nadacht, hoe meer ik me afvroeg hoe stemmen democratisch te noemen is. Door te stemmen kiezen we er immers voor overheerst te worden door een kleine groep mensen, politici genaamd en ik kan daar weinig democratisch aan ontdekken.

Degene die zitten te springen om onze stem zijn vooral de politici en hun partijen. De groep stemgerechtigden, niet alle inwoners van ons land (!), kunnen alleen stemmen op mensen die zich verkiesbaar hebben gesteld en dus ook een politieke carriere ambieren. De politici en hun partijen, die veel stemmen krijgen mogen gedurende een regeerperiode het volk regeren, ofwel heersen. De stemmers hopen er maar het beste van.

Een ander veelgehoord argument uit de mond van een politicus: “Het land moet geregeerd worden!” Van wie eigenlijk, vroeg ik me af. En alweer kwam ik niet verder dan diezelfde politici. Zij willen namelijk regeren. Op één of andere manier weten politici kennelijk altijd hoe de samenleving geregeld moet worden in ons land. Zij zijn van mening dat WIJ, de mensen, niet zo goed voor ons zelf kunnen zorgen en nemen dus de vrijheid dat voor ons te doen. Niks samen-leving, gewoon onderdanig zijn, noem ik dat. Stemmers geven aan, dat ze het zelf niet kunnen of willen organiseren. De praktijk van Belgie laat zien, dat het zonder regering echter ook prima kan. Het zijn vooral de politici in Brussel die donderjagen met elkaar, verder lijkt het er vrij geordend en beschaafd aan toe te gaan. Ik ben jaloers op België.

Het blijft ook lastig als steeds de helft plus 1 zijn zin krijgt en de anderen dus niet. Volgens mij zijn er dan nog steeds heel veel mensen niet blij. Hun motivatie om iets voor de ‘regeerders’ te doen is automatisch niet erg hoog. Het liefst zijn ze dan ook bezig met het onderuit halen van de regering om vervolgens zelf te kunnen overheersen. Een cyclus van ongeveer 4 jaar is het patroon. Het zou veel leuker zijn als we gewoon in zouden zetten op iedereen. En als we het dan toch graag steeds over co-sensus willen hebben, waarom doen we het dan niet? Als iedereen het eens is met een voorstel, dan is de kans groot dat het voorstel goed wordt uitgevoerd. Een besluit nemen zal wellicht iets langer in beslag nemen, maar kwalitatief zal het een veel beter besluit zijn en het verbetert de sociale samenhang ook nog eens aanzienlijk. Vooraf lijkt het traag, maar als we zien, dat er nu iedere nieuwe regeerperiode wijzigingen doorheen worden gedrukt door een nieuwe regering, dan valt dat eigenlijk best mee. En het leuke is, dat we niet over elk detail met iedereen in gesprek willen of hoeven, waardoor veel zaken door de mensen zelf georganiseerd kunnen worden. Dat bespaart bergen tijd en geld lijkt mij en het maakt ons vooral gelukkiger, omdat WIJ, de mensen, de regie over ons leven veel meer in iegen handen hebben.

Bij de laatste verkiezingen voor de Provinciale Staten was de opkomst 55,9 %. Dat betekent dat 44,1% van de stemgerechtigden (nog steeds niet alle inwoners van Nederland) niet heeft gestemd. Zij hebben dus geen mandaat gegeven aan anderen om over hen te regeren.  Veel mensen stemden ook op kleine partijtjes die de kiesdrempel niet haalden. Die stemmen gaven dus ook geen regeermandaat. En dan is er een flinke groep mensen, die slechts om één standpunt op iemand hebben gestemd. Zij gaven dus slechts een heel beperkt mandaat af, maar daar heeft niemand het nu meer over. En dan is er nog de, altijd weer belangrijke, ‘zwevende kiezer’, die het even niet weet. Hij/zij stemde wellicht op die leuke man of vrouw, die een grappige uitspraak of zo’n lief gezichtje heeft, of voor waar de buren of collega’s ook voor zeiden te stemmen. Een echt regeermandaat kun je dat nauwelijks bedoelen. En zo kan het gebeuren dat WIJ, de mensen, ons laten regeren door slechts een heel kleine vertegenwoordiging. Hoe democratisch kan dat zijn?

Het lijkt mij, dat dit beperkte democratische systeem het einde van haar levenscyclus heeft bereikt. Hoog tijd voor Iedereen! Politici hebben we echt niet nodig om onze samen-leving te co-creëren. Er is wellicht wel behoefte aan  goede vakbekwaame ambtenaren. Die kunnen die dingen voor ons regelen, waarvan WIJ, de mensen, vinden dat ze door hun voor iedereen (!) geregeld moeten worden. En de rest doen we zelf wel.